ACEG helpt bedrijven met de keuring van drukvaten en persluchthouders, zodat installaties veilig blijven werken en u weet welke controles wanneer nodig zijn. Hebt u compressoren, persluchtinstallaties of andere toepassingen onder druk in gebruik, dan bekijken we gericht welke keuringen voor uw situatie aan de orde zijn en hoe de opvolging best wordt georganiseerd. Meer achtergrond vindt u op Keuringen van druktoestellen en leidingen.
U krijgt een praktische aanpak: inventarisatie van de aanwezige drukapparatuur, controle van beschikbare documenten, planning van de keuring en een duidelijk vervolg naar de volgende stap. Zo vermijdt u onduidelijkheid over conformiteit, veiligheid en bedrijfscontinuïteit.
De keuring is bedoeld voor bedrijven die drukhoudende vaten gebruiken als onderdeel van hun installatie, productieproces of nutsvoorziening. Vooral bij compressoren en persluchtinstallaties is het belangrijk om tijdig na te gaan welke drukvaten of persluchthouders in de beoordeling moeten worden opgenomen en of een bijkomende Controle van persluchthouders nodig is. Niet elk vat valt automatisch onder exact hetzelfde keuringsregime: functie, medium, constructie en gebruiksomstandigheden bepalen mee welke aanpak nodig is.
ACEG start daarom niet vanuit aannames, maar bekijkt eerst welke drukapparatuur effectief op de site aanwezig is. Op basis daarvan wordt bepaald welke onderdelen in de keuring moeten worden meegenomen en welke documentatie of vervolgstappen relevant zijn. Zijn er ook gasinstallaties op de site, plan dan tijdig een Gaskeuring van installaties, zodat alle controles op elkaar worden afgestemd.
Een keuring van drukvaten is geen louter administratieve formaliteit, maar een beoordeling die aan de orde komt zodra de technische kenmerken, de gebruiksfase of het dossier dat vereisen. Het is daarom niet voldoende om alleen te weten dat u een compressor of een persluchtvat hebt. De verplichting hangt af van de concrete installatie: onder meer van druk, inhoud of afmetingen, het gebruikte medium, de risicoklasse, de samenstelling van de installatie en de aanwezigheid van relevante beveiligingen.
In de praktijk zijn er een aantal terugkerende momenten waarop een keuring nodig kan zijn of minstens onderzocht moet worden. ACEG bekijkt per situatie welke controle werkelijk vereist is, welke stukken beschikbaar moeten zijn en of er bijkomende beoordeling nodig is voordat de installatie verder gebruikt of opnieuw in dienst genomen wordt.
| Situatie | Wanneer komt een keuring in beeld? | Wat kijkt ACEG dan na? |
|---|---|---|
| Vóór eerste ingebruikname | Bij een nieuw drukvat of een nieuwe persluchthouder moet vóór gebruik worden nagegaan of de installatie correct kan worden opgenomen in het toepasselijke keuringskader. Dat speelt niet alleen bij volledig nieuwe installaties, maar ook wanneer een drukvat nieuw op een bestaande site wordt geplaatst. De beoordeling vertrekt vanuit de technische gegevens van het vat, de functie binnen de installatie en de beschikbare conformiteitsinformatie. | ACEG controleert welke drukapparatuur precies aanwezig is, welke identificatiegegevens beschikbaar zijn en of het dossier voldoende informatie bevat voor een correcte ingebruiknamebeoordeling. Daarbij wordt niet alleen naar het vat zelf gekeken, maar ook naar de gebruikssituatie en de relevante beveiligingen. |
| Periodieke herkeuring tijdens gebruik | Drukvaten die in dienst zijn, moeten binnen het toepasselijke regime verder worden opgevolgd. Zo’n herkeuring is bedoeld om te bevestigen dat het vat en de installatie nog beantwoorden aan de vereisten die gelden voor verder gebruik. Het precieze moment hangt niet voor elk drukvat gelijk; eerdere keuringen, de aard van het medium, de bedrijfsomstandigheden en de technische opbouw spelen mee. | ACEG kijkt naar de vorige keuringsdatum, de beschikbare verslagen, eventuele opmerkingen uit eerdere controles en de actuele toestand van de installatie. Op basis daarvan wordt bevestigd welke volgende keuringsstap nodig is en wanneer die moet worden ingepland. |
| Na wijziging, uitbreiding of herstelling | Wanneer een drukvat technisch werd aangepast, hersteld of opgenomen werd in een gewijzigde installatie, kan een nieuwe beoordeling nodig zijn. Een wijziging lijkt soms beperkt, maar kan toch gevolgen hebben voor de druktechnische beoordeling, de samenstelling van de installatie of de geldigheid van eerdere documenten. Dat geldt ook wanneer aangesloten delen of drukhoudende componenten wijzigen. | ACEG bekijkt welke wijziging exact werd uitgevoerd, of de oorspronkelijke gegevens nog overeenstemmen met de actuele situatie en of bijkomende documentatie nodig is. Indien relevant wordt ook nagegaan welke gevolgen de wijziging heeft voor de verdere ingebruikname of periodieke opvolging. |
| Bij verandering van medium, functie of gebruiksomstandigheden | Een drukvat dat in een andere toepassing terechtkomt, met een ander medium werkt of onder andere druk- of gebruiksomstandigheden wordt ingezet, moet opnieuw juist worden beoordeeld. Wat administratief hetzelfde vat lijkt, kan technisch in een andere context vallen zodra de belasting, bedrijfsduur, functie of risico-inschatting verandert. Daarom mag een vroegere beoordeling niet automatisch één op één worden overgenomen. | ACEG gaat na welke omstandigheden gewijzigd zijn en of die wijziging gevolgen heeft voor het keuringsregime, de risicobeoordeling of de benodigde dossierstukken. Zo wordt vermeden dat een vat verder wordt gebruikt op basis van informatie die niet meer past bij de actuele inzet. |
| Bij twijfel over beveiligingen of samenstelling | De keuringsplicht wordt niet alleen bepaald door het vat op zich. Ook beveiligingen en de manier waarop de installatie is samengesteld kunnen invloed hebben op de beoordeling. Wanneer er onduidelijkheid bestaat over de rol van beveiligingstoestellen, drukbegrenzing of de afbakening van de installatie, is het belangrijk om eerst vast te stellen wat precies in de keuring moet worden meegenomen. | ACEG bekijkt welke beveiligingen aanwezig zijn, hoe de installatie functioneert en welke onderdelen relevant zijn voor de beoordeling. Die afbakening is belangrijk om te bepalen of er een keuring vereist is, welke vorm die aanneemt en welke vervolgstappen daarna nog nodig zijn. |
| Bij ontbrekende, onvolledige of tegenstrijdige documentatie | Ook wanneer een drukvat technisch in gebruik is, kan een keuring of bijkomende beoordeling nodig zijn omdat het dossier niet volledig is. Denk aan ontbrekende identificatiegegevens, geen vorige keuringsverslagen, onduidelijke conformiteitsinformatie of verschillen tussen de documenten en de actuele installatie. Zonder betrouwbaar dossier is correcte traceerbaarheid moeilijk. | ACEG beoordeelt welke informatie nog beschikbaar is en welke stukken ontbreken voor een geldige verdere opvolging. Waar nodig wordt aangegeven welke aanvullende gegevens, bewijsstukken of bijkomende beoordeling nodig zijn vóór een volgende ingebruiknamebevestiging of herkeuring kan worden afgerond. |
| Bij overname, verplaatsing of heropstart van een bestaande installatie | Bij een overgenomen installatie, een verplaatst drukvat of een opstelling die na stilstand opnieuw wordt opgestart, is het verstandig om niet uit te gaan van oude aannames. De technische staat, de dossieropbouw en de vraag welke keuring nog geldig is, moeten dan eerst opnieuw worden bekeken. Dat is zeker belangrijk wanneer de historiek van het vat niet volledig mee is overgedragen. | ACEG controleert de beschikbare gegevens, de keuringshistoriek en de actuele opstelling op de site. Op basis daarvan wordt duidelijk of de bestaande status kan worden aangehouden of dat er eerst een bijkomende keuringsstap moet plaatsvinden. |
Kort samengevat: een keuring van drukvaten wordt verplicht zodra de kenmerken van het drukvat, de fase van gebruik en de beschikbare documentatie dat vereisen. Omdat die beoordeling afhangt van meerdere technische en administratieve factoren, gaat ACEG per installatie na wat exact nodig is, welke uitzonderingen of vervolgstappen relevant zijn en hoe u de planning correct opneemt in uw onderhouds- en conformiteitsopvolging.
Op de vraag hoe vaak een drukvat moet worden gekeurd, bestaat geen bruikbaar standaardantwoord dat voor elke installatie geldt. Er zijn wel vaste keuringsintervallen binnen het toepasselijke kader, maar die kunnen pas correct worden toegepast zodra duidelijk is over welk type drukvat het gaat, in welke configuratie het gebruikt wordt en welke datum als uitgangspunt voor de opvolging geldt. Een persluchthouder bij een compressor volgt dus niet automatisch hetzelfde traject als eender welk ander drukhoudend onderdeel op de site.
De eerste stap is altijd het juist identificeren van het drukvat en het bijhorende dossier. Daarvoor zijn onder meer de identificatiegegevens van het vat, de technische kenmerken en de historiek van ingebruikname of eerdere keuringen belangrijk. Zonder die basisinformatie is het moeilijk om met zekerheid te zeggen wanneer de volgende controle moet plaatsvinden. Een datum op zich volstaat namelijk niet; ook de vraag of het om de juiste datum gaat binnen het juiste regime moet worden bevestigd.
Verschillende technische factoren beïnvloeden het interval. Het type installatie speelt mee, maar ook het medium in het vat, de druk- en gebruiksomstandigheden, de inhoud of afmetingen, en de manier waarop het drukvat in de installatie is opgenomen. Een vat dat onder stabiele omstandigheden werkt, wordt anders beoordeeld dan een opstelling met wisselende belasting, frequente drukcycli of een toepassing waarbij bijkomende risico’s een rol spelen. Daarom is het niet verstandig om keuringsfrequenties van andere sites of andere toestellen zomaar over te nemen.
Ook de praktische gebruiksomstandigheden hebben invloed op de opvolging. Denk aan intensief of continu gebruik, bedrijfsomstandigheden die het vat extra belasten, of een installatiecontext waarbij bijkomende aandacht nodig is voor de technische staat en de werking van de beveiligingen. Zelfs wanneer twee drukvaten op papier sterk op elkaar lijken, kan het werkelijke gebruik leiden tot een andere beoordeling van de opvolging. De volgende keuring wordt dus bepaald op basis van het volledige plaatje, niet alleen op basis van een productnaam of algemene categorie.
Daarnaast is de rol van beveiligingen belangrijk. De aanwezigheid en correcte werking van relevante beveiligingstoestellen maken mee deel uit van de globale beoordeling van de installatie. Het gaat daarbij niet alleen om het vat zelf, maar ook om de manier waarop de druk veilig begrensd en beheerst wordt. Wanneer beveiligingen gewijzigd zijn, vervangen werden of anders functioneren dan oorspronkelijk voorzien, kan dat een impact hebben op de inschatting van de verdere keuringsopvolging. ACEG bekijkt daarom het drukvat altijd in zijn werkelijke gebruikssituatie.
De historiek van eerdere keuringen weegt evenzeer door. Een eerder verslag kan opmerkingen bevatten, voorwaarden opleggen of aangeven dat bij een volgende controle bepaalde punten extra aandacht vragen. Ook herstellingen, technische aanpassingen of een gewijzigde toepassing sinds de laatste keuring zijn relevant. Dat betekent dat de volgende keuringsdatum niet los gezien mag worden van wat er sinds de vorige beoordeling effectief met het vat is gebeurd. Een goede opvolging vraagt dus meer dan enkel een herinnering in de agenda.
Belangrijk is ook dat verkorting, uitstel of verlenging van een termijn niet zomaar intern beslist kan worden. Als een termijn moet worden aangepast, kan dat alleen na een formele beoordeling binnen het toepasselijke kader en met de nodige administratieve onderbouwing. Bedrijven doen er dus goed aan om tijdig te laten nakijken wat de geldige situatie is, in plaats van te wachten tot vlak voor of zelfs na een vervaldatum. Zo vermijdt u onnodige stilstand, discussie over de geldigheid van de status of last-minute dossierwerk.
ACEG helpt u precies op dat punt. We bepalen mee wanneer de volgende keuring nodig is, welke informatie daarvoor nog ontbreekt en welke stap praktisch moet worden ingepland. Zo krijgt u niet alleen een antwoord op de vraag hoe vaak, maar vooral een bruikbare planning op maat van uw installatie. Dat maakt de opvolging van drukvaten overzichtelijker en helpt om verplichte controles tijdig te organiseren.
Een drukvatenkeuring verloopt het vlotst wanneer vooraf duidelijk is welke installatie beoordeeld moet worden en welke stukken beschikbaar zijn. Daarom werkt ACEG met een gestructureerde aanpak die technische controle en praktische opvolging combineert.
Die aanpak ontzorgt: u weet vooraf wat nodig is, u krijgt een helder overzicht van de situatie en u behoudt grip op de verdere planning van verplichte controles.
Bij een keuring van drukvaten is het technische dossier bijna even belangrijk als de controle op de site zelf. Een drukvat kan er op het eerste gezicht eenvoudig uitzien, maar zonder correcte identificatie en traceerbare documentatie is het moeilijk om met zekerheid te bepalen onder welk regime het valt, welke keuring van toepassing is en hoe de verdere opvolging moet gebeuren. Daarom vraagt ACEG vooraf of tijdens de voorbereiding naar de basisgegevens van het vat en naar de stukken die de historiek en conformiteit ondersteunen.
De eerste groep documenten draait om identificatie. Denk aan de gegevens waarmee het drukvat ondubbelzinnig kan worden herkend: typeplaat of kenplaat, serienummer, fabrikant, bouwjaar, eventuele referenties van het model en de technische kerngegevens die op het vat vermeld staan. Ook informatie over de toelaatbare druk, inhoud of andere relevante afmetingen kan belangrijk zijn om de installatie juist te plaatsen. Bij persluchthouders en compressorvaten vormen die gegevens vaak het vertrekpunt voor de verdere beoordeling. Een duidelijke foto van de naamplaat helpt in veel gevallen al om de eerste inschatting correct te maken.
Daarnaast is de beschikbare conformiteitsinformatie van belang. Afhankelijk van het type drukapparatuur en de historiek van de installatie kan het gaan om CE- of PED-gerelateerde gegevens, een handleiding, technische documenten van de fabrikant of andere stukken die tonen hoe het vat oorspronkelijk werd ontworpen en op de markt gebracht. Niet elk dossier is even volledig, zeker niet bij oudere installaties of bij drukvaten die al langer in dienst zijn. Toch blijft het belangrijk om te verzamelen wat nog beschikbaar is, omdat die informatie mee bepaalt welke vervolgstappen nodig kunnen zijn.
Een tweede belangrijke pijler is de keuringshistoriek. Vorige keuringsverslagen, verslagen van ingebruikname, administratieve vastleggingen en notities van eerdere opvolging geven context aan de huidige toestand van het drukvat. Ze tonen niet alleen wanneer er eerder gecontroleerd werd, maar ook of er opmerkingen waren, of er voorwaarden werden gesteld en of bepaalde punten later opnieuw bekeken moesten worden. Zonder die historiek kan een volgende keuringsdatum of verdere ingebruikname moeilijk correct worden bevestigd.
Ook informatie over wijzigingen, herstellingen en technische aanpassingen is relevant. Als een drukvat werd aangepast, hersteld, verplaatst of in een andere configuratie in de installatie werd opgenomen, dan moeten die wijzigingen mee in beeld komen. Dat geldt ook wanneer relevante beveiligingen vervangen of aangepast zijn. In zulke gevallen volstaat het niet om enkel een oud verslag boven te halen; ACEG moet kunnen beoordelen of de vroegere documentatie nog overeenstemt met de actuele toestand. Hoe beter die wijzigingen zijn vastgelegd, hoe vlotter de opvolging doorgaans verloopt.
Wanneer documenten ontbreken of onvolledig zijn, betekent dat niet automatisch dat er niets meer mogelijk is, maar wel dat extra beoordeling nodig kan zijn. Een onvolledig dossier vraagt vaak eerst een inventaris van wat nog wél beschikbaar is en welke informatie nog gereconstrueerd of opgevraagd moet worden. Soms volstaan extra identificatiegegevens of bijkomende technische stukken. In andere gevallen is een grondigere beoordeling nodig voordat verdere ingebruikname of een volgende herkeuring administratief kan worden bevestigd. ACEG geeft dan helder aan wat ontbreekt en welke stap logisch volgt.
Na de keuring ontvangt u de verslaggeving of administratieve vastlegging die bij de uitgevoerde keuringsstap hoort. Die documenten zijn belangrijk voor traceerbaarheid, interne opvolging en toekomstige keuringen. Ze maken duidelijk wat er werd beoordeeld, welke vaststellingen er zijn, of er aandachtspunten of openstaande acties bestaan en welke volgende stap relevant is. Zo hebt u niet alleen een momentopname van de inspectie, maar ook een bruikbaar vertrekpunt voor de verdere planning van uw drukvatenopvolging.
Een goed dossier bespaart tijd bij volgende controles en verkleint de kans op discussie of vertraging. Daarom helpt ACEG niet alleen bij de keuring zelf, maar ook bij het praktisch structureren van de documentatie eromheen. Hebt u niet alles meteen beschikbaar, dan bekijken we samen welke gegevens prioritair nodig zijn om uw drukvat correct te kunnen beoordelen en de opvolging weer op orde te brengen.
Wilt u weten of uw drukvat, persluchthouder of compressorinstallatie nu gekeurd moet worden? Bezorg ACEG dan de basisgegevens van uw installatie, zoals de identificatie van het vat, beschikbare vorige verslagen en eventuele informatie over wijzigingen of herstellingen. Wij helpen u bepalen welke keuring nodig is, welke documentatie nog ontbreekt en wanneer de inspectie best wordt ingepland.
Zo krijgt u snel duidelijkheid over de juiste vervolgstap, zonder te moeten gissen naar termijnen of verplichtingen. Contacteer ons voor een keuring van uw drukvaten en laat uw drukvatenopvolging gericht en praktisch organiseren.
Een drukvat is in de praktijk een vat dat ontworpen is om een medium onder druk te bevatten. Dat kan bijvoorbeeld lucht, gas, damp of een vloeistof zijn, afhankelijk van de toepassing. Omdat er energie opgeslagen zit in die druk, kunnen voor zulke vaten specifieke veiligheids- en keuringsregels gelden. Daarom volstaat het niet om een vat enkel als tank of houder te beschrijven; de druktechnische functie is bepalend.
Tegelijk valt niet elk vat automatisch onder exact hetzelfde regime. De verdere beoordeling hangt onder meer af van de constructie, de druk waarvoor het vat bedoeld is, de inhoud of afmetingen, het gebruikte medium en de manier waarop het in de praktijk wordt ingezet. Een persluchthouder bij een compressor wordt dus niet alleen beoordeeld op naam, maar op zijn technische kenmerken en zijn plaats in de installatie.
Twijfelt u of uw installatie als drukvat moet worden behandeld, dan is een eerste technische afbakening de beste stap. ACEG kijkt daarbij naar de gegevens op het vat, de toepassing en de beschikbare documenten. Zo wordt duidelijk of u effectief met een drukvat te maken hebt, welke onderdelen van de installatie mee in beeld moeten komen en welke keuringsstap daar vervolgens bij hoort.
Drukapparatuur is een ruimere term dan drukvaten alleen. Het gaat om apparatuur of onderdelen die een drukfunctie hebben en daarom binnen een technisch en wettelijk kader kunnen vallen. Een drukvat is daar één voorbeeld van, maar afhankelijk van de opbouw van de installatie kunnen ook andere componenten, beveiligingen of samenstellingen relevant zijn voor de beoordeling.
Dat brede begrip is belangrijk, omdat de keuringsplicht zich niet altijd beperkt tot het vat zelf. Soms moet ook gekeken worden naar de installatie eromheen: hoe delen met druk samen functioneren, welke beveiligingen aanwezig zijn en welke componenten mee bepalen hoe veilig de opstelling gebruikt kan worden. Een bedrijf dat enkel naar één reservoir kijkt, mist daardoor soms een deel van het echte beoordelingskader.
Welke delen van uw installatie in het dossier en in de keuringsaanpak moeten worden opgenomen, hangt dus af van de concrete opbouw en het gebruik. ACEG bekijkt dat per site en per installatie. Zo krijgt u geen te brede of te enge interpretatie, maar een beoordeling die aansluit bij de werkelijke drukapparatuur die u gebruikt.
Wie zoekt op het Warenwetbesluit drukapparatuur, wil meestal niet in de eerste plaats een juridische tekst lezen, maar een praktisch antwoord op drie vragen: moet mijn installatie gekeurd worden, wanneer moet dat gebeuren en welke documenten heb ik daarvoor nodig? Dat is ook de juiste insteek. De exacte verplichtingen volgen namelijk niet uit één algemeen label, maar uit de concrete kenmerken van uw drukapparatuur, de gebruiksfase waarin die zich bevindt en het wettelijke kader dat op uw situatie van toepassing is.
Op hoofdlijnen kijkt dat kader naar het type drukapparatuur, het gebruikte medium, de druk, de inhoud of afmetingen en de manier waarop die factoren samen het risico bepalen; voor andere recipiënten, zoals IBC’s volgens ADR-wetgeving, geldt een ander beoordelingskader. Ook de samenstelling van de installatie speelt mee. Een los drukvat, een persluchthouder in een compressoropstelling of een bredere technische samenstelling worden niet noodzakelijk identiek beoordeeld. Daarom volstaat een omschrijving als luchtvat of compressorvat meestal niet om meteen vast te leggen welke verplichtingen precies gelden. De technische gegevens van het toestel blijven doorslaggevend.
Daarnaast maakt de gebruiksfase een groot verschil. Voor bepaalde drukapparatuur speelt eerst de vraag hoe ze ontworpen, vervaardigd en op de markt gebracht is. Daarna komt de vraag hoe de installatie in gebruik genomen wordt en hoe ze tijdens gebruik verder moet worden opgevolgd. Een keuring vóór ingebruikname is dus iets anders dan een periodieke herkeuring van een drukvat dat al jaren in dienst is. Ook na wijzigingen, herstellingen of een verandering van gebruiksomstandigheden kan opnieuw een beoordeling nodig zijn. De regels worden dus altijd gelezen in functie van de fase waarin uw installatie zich bevindt.
Documentatie is daarbij essentieel. In de praktijk verwacht men dat een bedrijf de installatie voldoende kan identificeren en de nodige technische en administratieve informatie kan voorleggen. Dat kan onder meer gaan om identificatiegegevens van het vat, technische kenmerken, beschikbare conformiteitsinformatie, vorige keuringsverslagen en informatie over herstellingen of wijzigingen. Ontbreekt een deel van dat dossier, dan is het vaak niet mogelijk om zonder bijkomende beoordeling te bevestigen dat de bestaande situatie administratief en technisch in orde is. Een onvolledig dossier betekent niet automatisch dat gebruik uitgesloten is, maar wel dat extra verificatie nodig kan zijn.
De term PED wordt vaak in dezelfde context gebruikt. Dat is logisch, omdat PED verband houdt met het ontwerp, de fabricage en de conformiteitsbeoordeling van bepaalde drukapparatuur voordat die in gebruik wordt genomen of op de markt komt. Maar een PED-verwijzing of CE-markering alleen geeft nog niet automatisch antwoord op alle vragen over keuringen tijdens gebruik. Voor de praktische opvolging van een drukvat blijven ook de actuele gebruikssituatie, de historiek, de beveiligingen en de geldige keuringsstatus belangrijk. Met andere woorden: PED kan een belangrijk onderdeel van het dossier zijn, maar vervangt de beoordeling van de installatie in dienst niet.
Bij oudere, tweedehands of overgenomen installaties wordt die nuance nog belangrijker. Daar is het dossier niet altijd volledig, en zijn eerdere documenten soms versnipperd of niet meer volledig afgestemd op de actuele opstelling. In zulke gevallen moet eerst worden nagegaan welke technische gegevens nog aantoonbaar zijn, of de installatie sindsdien gewijzigd werd en welke keuring als volgende stap logisch is. Hetzelfde geldt wanneer een drukvat werd verplaatst, hersteld of in een andere toepassing terechtkwam. Regels rond drukapparatuur worden dus niet alleen op naam toegepast, maar altijd op basis van de feitelijke toestand en het beschikbare bewijs.
Praktisch betekent dit voor bedrijven in een industriële omgeving, zie Keuringen voor de industrie, vooral het volgende: probeer niet zelf uit losse termen af te leiden welke keuring van toepassing is, maar laat uw installatie gericht beoordelen. ACEG bekijkt per drukvat of persluchthouder welke verplichtingen relevant zijn, welke documenten nodig zijn en wanneer de volgende keuringsstap best plaatsvindt. Hebt u enkel een foto van de naamplaat, een oud verslag of beperkte technische informatie, dan is dat vaak al een bruikbaar vertrekpunt om de juiste opvolging opnieuw in kaart te brengen.
Nee. Stoomwezen is een term die veel mensen nog gebruiken als oudere benaming voor keuringen van drukapparatuur of drukvaten. In de praktijk zoekt men daarmee meestal informatie over de controle van een drukvat, persluchthouder of andere installatie onder druk.
De actuele verplichting wordt echter niet bepaald door die oude naam, maar door het huidige toepasselijke kader en door de technische kenmerken van uw installatie. Daarom laat u best niet alleen de benaming, maar de concrete installatiegegevens nakijken. ACEG kan dan beoordelen welke keuring effectief nodig is en wanneer die moet worden ingepland.